Vastgoedinvesteerder aansprakelijk voor misleidende prospectussen

Dit artikel verscheen op 14 december 2017 in de Quote.

Vastgoedinvesteerder Jonald Bouwhuis is aansprakelijk voor de ‘onvolledige en misleidende’ prospectussen die hij in 2007 uitgaf om beleggers te interesseren geld te steken in Bouw State II en III. VVD-coryfee Hans Wiegel, die figureerde in wervende commercials, valt niets te verwijten. Dat oordeelde de Rechtbank Noord-Nederland woensdag. In het vonnis lezen we dat Bouwhuis de klager die de zaak aanhangig maakte schadeloos moet stellen.

De mensen die instapten in Bouw State II en III dachten te investeren in vastgoed. Daarbij rekenden ze op een gegarandeerd rendement van 9%. Dat werd ook gesteld in de commercial rond Business Class, het tv-programma van Harry Mens. ‘Daar kunt u zeker van zijn’, zei Wiegel over dat voorgespiegelde rendement.

Wat beleggers niet wisten, en wat ook niet uit de prospectussen was op te maken, was dat hun inleg helemaal niet was gegarandeerd. Dat maakt de prospectussen misleidend en onvolledig, zo oordeelt de rechtbank. Die constateert ook dat ‘de gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende gewone belegger uit de mededelingen in de prospectussen de indruk krijgt dat de gelden belegd zouden worden in vastgoed (…). In werkelijkheid werd er met een deel van de inleg geen vastgoed gekocht, maar aandelen, zonder overlegging van een aandelenwaardering. Voorts liepen de beleggers in werkelijkheid meer risico dan de in de prospectussen opgesomde risico’s (..).’

De investeerders raakten vrijwel al hun geld kwijt, Het verweer van Bouwhuis dat diegene die de procedure startte toch wel zijn poen had verloren, omdat hij anders wel in een ander vastgoedfonds was gestapt, wordt door de rechtbank verworpen.

Bouwhuis wordt zodoende veroordeeld tot het betalen van €108.003,16 plus rente. Hem wordt namelijk terecht voor de voeten geworpen dat de door hem verstrekte concerngarantie ‘de facto een lege huls betrof. Bouwhuis beschikte op het moment waarop de prospectussen werden uitgegeven immers over onvoldoende liquide middelen om zelfs maar een fractie van een van de afgegeven garanties te kunnen voldoen.’

Wiegel wordt vrijgepleit, aangezien hij formeel geen toezichthoudende rol had.

De advocaat van Bouwhuis en Wiegel laat weten het vonnis nog te moeten bestuderen, en onthoudt zich op dit moment dan ook van commentaar.

William Schonewille van BarentsKrans, advocaat van eiser, laat weten zeer verheugd te zijn met dit vonnis. ‘Het is voor het eerst dat de rechtbank goed doorkijkt naar wat er werkelijk in de entiteiten is gebeurd. Het vonnis is namelijk buitengewoon goed gemotiveerd.’

Overigens zal de uitspraak niet door alle beleggers gebruikt kunnen worden om ook hun geld terug te vragen. ‘Als beleggers de verjaring niet hebben gestuit is dat nog niet zo makkelijk. Bouwhuis en Wiegel hebben naar mijn overtuiging bewust gebruik gemaakt van de tijd om te voorkomen dat anderen op basis van dit vonnis ook kunnen gaan procederen.’