Modernisering arbitragerecht

Op 1 januari 2015 is de Wet modernisering arbitragerecht in werking getreden. Met deze wet wordt beoogd de belemmeringen voor het gebruik van arbitrage weg te nemen en de positie van Nederland als belangrijk arbitrageland te versterken. We bespreken kort de belangrijkste wijzigingen.

De nieuwe wet vergroot de efficiëntie en flexibiliteit in de arbitrageprocedure. Zo is het mogelijk geworden om gebruik te maken van elektronische middelen voor bijv. een mededeling of verzoek (art. 1072b Rv). Daarnaast zijn de best practices omtrent de schriftelijke fase en het onderzoek ter plaatse nu in de wet opgenomen (art. 1038a en 1042a Rv). Verder is de procedure tot vernietiging van een arbitraal vonnis teruggebracht tot een rechtsgang in één instantie (het gerechtshof) en verkrijgen partijen ruimere mogelijkheden om zelf afwijkende afspraken te maken voor hun arbitrageprocedure.Het Burgerlijk Wetboek is ook op twee punten gewijzigd. Ten eerste is er een vierde lid toegevoegd aan art. 3:316 BW. De verjaring van een rechtsvordering wordt in het vervolg ook gestuit door een ingestelde eis die niet tot toewijzing leidt, als de arbiters of de overheidsrechter zich onbevoegd hebben verklaard vanwege het niet respectievelijk wel aanwezig zijn van een geldige arbitrageovereenkomst en de uitspraak onherroepelijk is geworden (art. 3:316 lid 4 BW).

Ten tweede is het arbitraal beding in algemene voorwaarden op de zwarte lijst van onredelijk bezwarende bedingen in consumentenovereenkomsten geplaatst (art. 6:236 sub n BW). Het inroepen van een arbitraal beding tegen een consument is nu dus onredelijk bezwarend en op die grond vernietigbaar. Dit is slechts anders als de consument een termijn van tenminste een maand wordt gegund om alsnog voor de overheidsrechter te kiezen. Met de wijziging wordt de positie van de consument versterkt, maar daarbij wordt enigszins afbreuk gedaan aan de doelstelling van de wetswijziging; het wegnemen van belemmeringen voor het gebruik van arbitrage. Dit is te verklaren door het feit dat het arbitragerecht op dit punt nu in overeenstemming is gebracht met de Europese Richtlijn inzake oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten (93/13/EEG). Ondernemers die in hun algemene voorwaarden die zij gebruiken bij consumentenovereenkomsten een arbitraal beding hebben opgenomen, doen er verstandig aan deze bepaling spoedig te wijzigen.

De nieuwe wet is van toepassing op arbitrages die aanhangig zijn geworden op of na 1 januari 2015. Op arbitrages die aanhangig zijn of waren voor deze datum, blijft de oude regeling van toepassing.