Cessiemodel bij massaclaims krijgt vaste voet op Nederlandse bodem

Meer artikelen over:KartelschadeMass litigation

Dit artikel is geschreven door Jeroen Piersma, en verscheen op 28 november 2017 op de voorpagina van het Financieele Dagblad.

Buitenlandse partijen duiken op massaclaims in Nederland

Commerciële partijen uit het buitenland blijken op grote schaal massaschadeclaims in Nederland te financieren. Zij kopen claims op of verstrekken financiering aan stichtingen die de belangen van de gedupeerden behartigen. Als er schadevergoeding wordt toegekend, krijgen de financiers daar een deel van.

Daarmee omzeilen deze partijen op een legale wijze het in Nederland geldende verbod op ‘no cure, nopay’, bevestigen advocaten en specialisten op het gebied van massaschadezaken. Dat verbod bepaalt dat een advocaat niet met zijn cliënt mag afspreken dat hij een percentage van de schadevergoeding krijgt. Omdat commerciële financiers van claims tussen de advocaat en de cliënt in gaan zitten, kunnen zij wel op basis van ‘no cure, no pay’ opereren. Zij vallen immers niet onder de wetgeving voor advocaten. Vanuit het bedrijfsleven is er kritiek op de commercialisering van de massaclaims.

Petrobras en Volkswagen

In het oog lopende voorbeelden van betrokkenheid van buitenlandse financiers zijn de massaschadezaken tegen de Braziliaanse oliemaatschappij Petrobras, tegen Volkswagen en tegen de luchtvracht- en truckkartels. De Nederlandse stichting die optreedt namens de gedupeerde beleggers van Petrobras wordt gefinancierd door het Amerikaanse ISAF Management. Bij de Nederlandse stichting die de beleggers in Volkswagen vertegenwoordigt is dat het Amerikaanse advocatenkantoor Bernstein Litowitz Berger & Grossmann.

In de kartelzaken wordt een ander model gehanteerd. Het gaat om Europese luchtvaartmaatschappijen (inclusief Air France KLM) en truckfabrikanten (incl. DAF) die door de Europese Commissie tot hoge boetes zijn veroordeeld wegens prijsafspraken. De gedupeerde klanten hebben hun claims voor een groot deel verkocht aan Nederlandse vennootschappen die op hun beurt eigendom zijn van het in Dublin gevestigde Claims Funding Europe. Deze vennootschap heeft nauwe banden met het Australische advocatenkantoor Maurice Blackburn, een bekende partij op het gebied van claimfinanciering.

Boete van €800 mln

De Nederlandse vennootschap die de strijd heeft aangebonden met de luchtvaartmaatschappijen, Equilib Netherlands, heeft onlangs nog een belangrijke procedurele overwinning behaald bij de rechtbank in Amsterdam. De luchtvaartmaatschappijen vochten de overdracht van de claims aan, maar de rechter bepaalde dat dit zogenoemde cessiemodel prima door de beugel kan.

“Het gaat wel ergens over: een grote groep mensen heeft schade geleden en heeft dus recht op een vergoeding. De financiering is het instrument om dat te bereiken.”

De rechter had ook geen moeite met de afspraak tussen Equilib en de gedupeerde verladers dat 20 tot 40% van de uiteindelijke schadevergoeding naar Equilib gaat. ‘Iets wat doet denken aan de Amerikaanse claimcultuur is in de ogen van een Nederlandse rechter dus toelaatbaar’, zegt Jan Pas, advocaat bij HBN Law. Het gaat om groot geld: de verladers hebben destijds € 6,5 mrd uitgegeven aan luchtvracht, een bedrag dat opgedreven is door kartelprijzen.

Volgens advocaat Martijn van Maanen van BarentsKrans, die Equilib bijstaat, betekent de uitspraak van de Amsterdamse rechter dat het cessiemodel nu echt vaste voet heeft op Nederlandse bodem. ‘Deze uitspraak zorgt ervoor dat rechters dit model ook in andere zaken zullen accepteren.’ Van Maanen denkt daarbij aan de zaak tegen het truckkartel, waarbij hij eveneens betrokken is.

No cure no pay

De opmars van commerciële financiering van massaclaims is een gevolg van het ontbreken van de mogelijkheid van ‘no cure, no pay’ in Nederland, zegt Ianika Tzankova, hoogleraar aan de Tilburg Law School. ‘Er loopt wel een experiment met ‘no cure, no pay’ in Nederland, maar dat geldt voor letselschade en niet voor massaclaims. Daardoor is het lastig om bepaalde claims gefinancierd te krijgen.’ In de Verenigde Staten komt financiering van massaclaims door derde partijen weinig voor, omdat daar advocaten op basis van ‘no cure, no pay’ mogen werken.

Het bedrijfsleven heeft kritiek op de commercialisering van de massaclaims. Met name de lobbyorganisatie American Chamber of Commerce heeft zowel in de VS als in Nederland gewaarschuwd voor misbruik van dit instrument voor commerciële doeleinden. De AmCham wijst op het risico van lichtzinnige claims die het bedrijfsleven veel geld kunnen kosten.

Er verscheen ook een vervolgartikel in dezelfde uitgave van het Financieele Dagblad: “Investeerders zien massaclaims als een mooie diversificatie van portefeuille”.

Lees hier het vervolgartikel in het FD